Home > De geschiedenis > Vanaf de stichting van de abdij
De abdij van Leffe zag haar bezittingen en inkomsten snel groeien. In de loop van de 13e eeuw was het domein van de abdij van Leffe samengesteld en vergroot door talloze giften en aankopen
Wéric, de eerste abt van Leffe in 1200, verwisselde Leffe in 1208 voor Floreffe waar hij vanwege zijn kennis en deugden door zijn vroegere collega’s werd gevraagd om de abt Jean d’Auvelais op te volgen. In de eerste eeuwen van het bestaan van de abdij volgden de abten elkaar snel op: veertien in een honderdtal jaren.
Twee eeuwen lang kende de abdij een grote bloei, met name dankzij de vrijgevigheid van de heren. Deze schenkingen werden meestal gedaan in ruil voor diensten in deze of gene plaats of parochie. In die tijd al bedienden de norbertijnen van Leffe reeds alle pastorieën van Saint-Georges in Leffe, Saint-Médard in Dinant, Waha, Sart-en-Fagne, Awagne, Jassogne en Courrière.
De 15e eeuw was een rampzalige periode voor de abdij van Leffe. In september 1400 brak volgens sommige schrijvers de pest uit en de abt, Albéric de Pecheroux, en zeven andere geestelijken stierven. In 1408 trok de eerwaarde Wéric de Beaumont zich zonder toestemming uit zijn functie terug. De abtszetel bleef lange tijd onbezet en de geestelijken trachtten zich te onttrekken aan de instructies van de vader-abt, de prelaat van Floreffe. Op 7 augustus 1460 werd door een zeer hevige, plotselinge overstroming de kerk van Leffe dermate verwoest, dat slechts de vier muren overeind bleven. De abt van het klooster, Jean Ghorin, verdronk. De andere geestelijken konden zich ternauwernood in veiligheid stellen in de toren. De schade van de overstroming was nauwelijks hersteld of de abdij kreeg een tweede ramp te verduren. In 1466 werd Dinant, dat zich samen met de bevolking van Luik had verzet tegen de prins-bisschop, Louis de Bourbon, geplunderd en platgebrand door de legers van Philips de Goede, hertog van Bourgondië en oom van de bisschop. De abdij van Leffe lag bij de buitenste vestingwerken van Dinant. Karel de Stoute sloeg er zijn tenten op en vestigde er zijn hoofdkwartier op 17 augustus 1466, tijdens de belegering van de stad door de legers van zijn vader Philips, de hertog van Bourgondië. De grootste batterij stond vlakbij en daar vandaan werden de eerste kanonschoten gelost die leidden tot de inname van Leffe door het Bourgondische leger. De stad Dinant was op 23 augustus 1466 gedwongen zich over te geven en werd het toneel van plundering, verwoesting en brand.
De abdij was hetzelfde lot beschoren. Zij werd vernield, de kerk en de bijgebouwen in brand gestoken en bijna volledig verwoest. De abt Wauthier de Wespin en zijn geestelijken werden gevangen genomen. Gedurende een periode van zes maanden was de abdij verlaten. Toen de geestelijken na hun vrijlating weer naar het klooster gingen, troffen zij er vrijwel uitsluitend ruïnes aan. De hertog van Bourgondië had opdracht gegeven de schatten van de abdij in beslag te nemen en vroeg 100 Duitse florijnen losgeld voor de abt en de liturgische bekers. Dat geld moest worden geleend.
[bijgewerkt op 27.10.05]
Om u aan de nieuwsbrief (in het Frans) van de abdij te abonneren, gelieve uw e-mail adres hieronder te schrijven:
Mijn alcoholgehalte bedraagt 7 % bij het bottelen, na nagisting in de fles wordt een alcoholgehalte van 8,4 % bereikt. Mijn smaak heeft een rijk boeket met een zweempje citroen, middelmatig tot vol van smaak en een heerlijke aromatische afdronk. Wat ben ik ?
Wettelijke vermeldingen | Plan van de site | Administratie | Totstandkoming Artégo | RSS